Pierre
Vrieeend,
Op de markt, bij het groentekraam, liep ik Pierre tegen het lijf. Pierre was kortstondig mijn buurman van het tweede en we werden vrienden. Geen dikke of erg intieme vrienden, maar vanuit onze beider liefde voor muziek ontstond er een band. We vonden mekaar in de universele taal van klank en melodie zou je kunnen zeggen.
Pierre is saxofonist, speelt al zijn hele leven jazz en nam de zieltogende Philharmonie Lorguaise onder zijn hoede. Hij bezorgde met zijn zachtaardige doch kordate aanpak het amateurorkest een fris elan en ze spelen met hernieuwd zelfvertrouwen en enthousiasme een drietal concerten per jaar.
Een paar weken geleden, tijdens de kermis, gaf La Philharmonie een openluchtconcert op la Place Neuve, tegenover de middeleeuwse stadswal bij la Porte Sarrasine. De beau monde van Lorgues was, zoals steeds, trouw van de partij en als naar gewoonte zaten meneer de burgemeester en zijn eega op een prominente plaats tussen een publiek dat geurde naar Chanel, Dior en Yves Saint Laurent.
Ik wil niet oneerbiedig klinken, maar het ensemble heeft al eens moeite om tegelijkertijd in te zetten waardoor ze ook niet altijd op hetzelfde moment landen. Soms gebeurt het dat de sax een solo krijgt, maar zich totaal verliest in een improvisatie waardoor orkest en solist elkaar compleet kwijtraken. Ik vraag me af wat er dan door het hoofd van Pierre gaat. Moet hij de solist afschieten om hem uit zijn lijden te verlossen of laat hij het orkest inbreken zodat de sax zachtjes naar de planeet aarde kan terugkeren? Meestal volstaat het om de saxofoonspeler een paar lappen rond de oren te verkopen om de man opnieuw bij de realiteit te brengen. “Dien zijn kinderen gaarne ziet, spaart de roede niet”, leert de bijbel ons. La Philharmonie Lorguaise dirigeren is niet altijd simpel.
Na afloop van het concert krijgt Pierre schouderklopjes en complimentjes die hij ietwat gegeneerd in ontvangst neemt. Hij beseft zeer goed dat het niveau maar is wat het is en dat de toehoorders allang blij zijn als ze wat op hun stoelen kunnen meewippen op de maat. Hij weet tegelijk ook dat driekwart van het publiek familie is van één van de muzikanten. Anders kan je de staande ovaties en de vraag om bisnummers onmogelijk verklaren.
Ik liep, zoals gezegd, op de markt bij het groentekraam, Pierre tegen het lijf. ‘Bonjour Pierre’, begroette ik hem, ‘ça va?’. ‘Hans!', antwoordde hij, ‘ik had je niet gezien. Je weet, mijn ogen …’. Ik wist het nog, vergevorderde cataract. ‘Geeft niets’, zei ik, ‘ik heb jou wél gezien. Fijn concertje was dat, tijdens de kermis’. ‘Was je daar?’, vroeg hij opgewekt, ‘Ik heb je niet gezien, je weet, mijn ogen … Ik kan verdorie de partituur niet meer lezen. Ik ken de muziek uit het hoofd, maar het is geen doen meer. Ons kerstconcert wordt mijn afscheid. Je moet zeker komen, we doen iets heel speciaals deze keer, met twee koren’. ‘Ik kom altijd’, zegde ik, ‘één keer heb ik gemist omdat ik me niet top voelde, maar anders ben ik steeds van de partij’.
Pierre wilde weten wat ik vond van hun laatste optreden en ik gaf hem mijn eerlijke mening. Het klopte met zijn eigen aanvoelen. ‘We zijn amateurs’, verontschuldigde hij zijn orkest, ‘Onze betere muzikanten spelen ín de maat, de middelmaat speelt uit de maat. We kunnen soms zelfs niet eens één keer per week samen oefenen omwille van jobs en privéleven’.
‘Voor sommigen is elke dag een oefening om een betere versie van zichzelf te worden, anderen herhalen zichzelf alleen maar’, bedacht ik. Maar terwijl ik het dacht, vond ik het nogal moralistisch en ik sprak het niet uit.
Pierre vulde zijn mandje met tomaten en courgettes en rekende af. ‘Á la prochaine’, zegden we en we namen afscheid. Thuisgekomen draaide ik The Savoy Recordings van Charlie Parker nog een keertje. Dat was alweer een hele tijd geleden.
Blijft goed, al kreeg ik bij al die bebop plots zin in een sloot zwarte koffie en sigaretten. Maar ik ben al acht jaar gestopt, we gaan echt niet herbeginnen roken omwille van een jazzplaat.
Dat is me anders nog nooit overkomen tijdens een concert van de Philharmonie Lorguaise, zo'n aandrang. Een mens vraagt zich af waarom.
