Apéro d'annif

Geschreven door: | Gepost op: | Categorie:

Vrieeend,

Putain, ik was zat gisteren.

Ik bood mijn buren een apéro aan. Eigenlijk werd ik een beetje onder druk gezet om een apéro aan te bieden. Dat kwam zo. Een paar dagen geleden belde mijn buurvrouw van de linkerkant, Gégé, me op om me een ‘Bon annif’ te wensen. Ze wilde nog dezelfde dag samen met Stéphan op de apéro komen want 'ge doet toch iets op uwe verjaardag?'. Wie me kent weet dat ik nooit teveel poespas verkoop rond mijn verjaardag. Ik trachtte haar af te schepen met de smoes dat ik het te druk had met het beantwoorden van alle lieve verjaardagswensen en Zooms dan wel telefoontjes van familie en vrienden. “Eh bien”, riposteerde Gégé, “ce dimanche alors? Disons vers midi.”

Ik geef het eerlijk toe, ik heb geen enkel verweer tegen Gégé. Ze praat mitrailleurgewijs in een ‘patois’ dat enkel ten volle wordt begrepen in de goorste buurten van Marseille. De pitch van haar stem is in rust al zeer hoog en doet een beetje pijn aan mijn versleten oren, als ze zich opwindt schakelt ze nog een versnelling hoger en gaat de toonhoogte soms tot boven de 20.000 Hertz. Als de honden uit de buurt spontaan beginnen te janken weet ik dat het hommeles is ten huize Gégé en Stéphan. Om haar niet op stang te jagen antwoord ik dus meestal geheel at random om de zoveel zinnen met het beproefde “oui”, “non” en “peut-être”. Dat geeft haar het gevoel dat ik nog mee ben met haar verhaal en het bespaart mij onnodige discussies.

Mijn verjaardag is een dag waar ik zelf geen verdienste aan heb. Ik denk dan vooral aan mijn moeder die me negen maanden in haar lijf liet groeien om zich dan op een dag, zoveel jaar geleden, te bevrijden door me uit haar buik te persen. Zij vertelde me dat het een pijnlijke ervaring was, met daar bovenop de honende en denigrerende opmerkingen van een paar gefrustreede kutnonnen uit het moederhuis. “Ge hebt uw plezierke gehad hé madammeke. Lig nu maar wat af te zien.” Wie me verder nog ietsje beter kent, weet dat ik met plezier ’s ochtends twee kutnonnen, een klotepastoor en een verloren gelopen missionaris tussen mijn boterham leg en die dan vervolgens, zonder er in te bijten, in de vuilbak gooi. Maar dit terzijde.

Klokslag twaalf stonden Gégé en Stéphan aan mijn deur met taart en wijn. Gégé draineert dan wel regelmatig mijn batterijen, ze heeft wel een zuiver hart. Ere wie ere toekomt. Marie, mijn buurvrouw van de overkant, kwam een half uurtje later binnenvallen. Ze had zelf bezoek verklaarde ze, maar ze had de apéro aangegrepen om die mensen buiten te werken. Ik was blij dat Marie er was. Zo kon ik me wat achter haar rug verschuilen en hoefde ik alweer niet veel meer te doen dan glazen te vullen en “oui”, “non” en “peut-être” te zeggen als straks het gesprek van alle kanten tegelijk het tafelblad zou kruisen. Laat Marie en Gégé het woord voeren, ondertussen kunnen de mannen een beetje achterover leunen en doen alsof ze met veel interesse het gesprek volgen. Ik heb dat geleerd van Stéphan die van ons allen het meest ervaren is in de omgang met Gégé.

Ook Marie had een landwijntje meegebracht. Ik had de tafel gedekt, had wat kaas en ezelsworst voorzien, kon vier soorten pastis (Janot, Duval, Henri Bardouin en Ricard) aanbieden en had reeds een fles Côtes du Rhône Villages ontkurkt. “Pour moi un Ricard, si non rien” opende Stéphan het feest. We tikten alle vier onze glazen pastis tegen mekaar en vulden ze nogmaals.

En toen zette ik de radio uit en werd er gepraat over het werk, de politiek, het weer, de verkoop van het huis en waar ik wel wilde gaan wonen. “Jullie weten dat ik in de buurt wil blijven’, zei ik, “ik dacht aan…”. Tot zover mijn bijdrage aan het gesprek. Mijn buurvrouwen namen het graag van me over en bestookten me met goede raad en advies (Gégé en Marie), waarop ik moet letten als ik huur (Gégé), dat ik moet onderhandelen over huurprijzen (Gégé), dat ik de eigenaar onder druk moet zetten en hem desnoods moet aanvallen via een advocaat (Gégé), dat Cotignac een sympathiek dorpje is (Marie), dat Cotignac veel te bourgeois is (Gégé) en dat ik beter een appartement zoek in Bras want daar is een bakker en een slager en een superette en een bar tabac die geen sigaretten meer verkoopt en dan kunnen we in de toekomst regelmatig een apéro komen doen (Gégé).

Heel die tijd zat Stéphan me grijnzend aan te kijken, knipoogde af en toe en stak zijn glas uit ter bijvulling. Stéphan heeft gelijk dacht ik, zuipen is het enige wat een mens kan doen als de Vesuvius uitbarst. En zo geschiedde.

Ik ben vrij dronken in bed gekropen en sliep in met de gedachte dat zo’n club, Le Collectif de Cotignac, een mooi idee is.

Via dit formulier kan je me een persoonlijk berichtje sturen
Schrijf me in op de blog en stuur me een bericht als er een nieuwe brief is

Volg de blog via RSS Feed

Via RSS Feed kan je op de hoogte blijven van nieuwe posts in deze blog. In je browser installeer je hiervoor een kleine extensie. Voor Chrome bijvoorbeeld vind je die hier. Voor Safari kan je deze installeren, en voor Firefox heb je een keuze aan RSS Feeders via deze link.

2081 Chemin de Counillière
83149 Bras
France

© Hans Lengeler 2020
Update 2022
www.webdesign-prepress.com

Ik gebruik 1 cookie om het aantal lezers te meten. Okee?